| |
|
Therapie voor volwassenen
Danstherapie
Uiteenlopende problemen
kunnen worden behandeld binnen danstherapie. Denk
aan emotionele problemen als angsten of depressies. Sociale problemen
en relatieproblemen. Trauma’s, psychotische problemen, rouwverwerking,
lichamelijke problemen, eetproblemen, verslaving, slaapproblemen. Maar ook problemen
in het omgaan met agressie, bij een negatief
zelfbeeld, veel piekeren, slecht voor jezelf kunnen opkomen,
concentratieproblemen, moeite met het uiten van je emoties, problemen
na ziekte of leren leven met een ziekte of arbeidsgerelateerde
problematiek zoals burn-out.
Hoe danstherapie werkt en uitleg over onze werkwijze kun je vinden onder
danstherapie
Een combinatie van danstherapie en
supervisie/coaching is mogelijk. Denk hierbij aan problemen die met het
werk, systeem en/of het gezin te maken hebben: problemen die je
tegenkomt in relatie met anderen.

Individueel, groep of relatietherapie?
De therapieën vinden voornamelijk
individueel plaats. Afhankelijk van de problematiek en mogelijkheden zal
er groepstherapie aangeboden worden.
Relatietherapie binnen danstherapie is een goede vorm om niet alleen
verbaal maar ook non-verbaal goed op elkaar te kunnen inspelen. In
contact met elkaar in dans en beweging ontdek je waarin je vastloopt en
wat de mogelijkheden zijn om anders met elkaar om te gaan. Mail of bel
voor meer informatie.
Begeleiding
De praktijk geeft ook begeleiding
via dans, beweging aan volwassenen die een PGB budget hebben. Via de
non-verbale begeleiding doe je nieuwe ervaringen op en wordt je
lichaamsbewustzijn en houding versterkt. Dit helpt je om beter te kunnen
functioneren in het dagelijkse leven.
Aanmelding
danstherapie
Het is mogelijk om eerst een afspraak te maken voor een
kennismakingsgesprek als je danstherapie wilt. Kies je voor deze
therapie dan vindt er een intakegesprek plaats en wordt er een
behandelcontract voorgelegd. Er zal een hulpvraag geformuleerd worden en
elke 5e sessies vindt er een evaluatie plaats en wordt de voortgang
besproken.
Samenwerking binnen de praktijk
De praktijk werkt samen met andere praktijken en disciplines binnen
Arnhem en Omstreken. Er is een samenwerkingsverband met
www.therapie-arnhem.com
Anne-Marie Hamming (dramatherapeut, en
transformatietherapeut),
www.dobcoaching.nl
Dorenda Brinkman (supervisor, trainer, coach), en met het
Therapeutenhuis in Arnhem:
www.therapeutenhuis.nl
LIsetta Schenk (haptotherapeut en reflexzonetherapeut),
Marieke Hagedoorn (eerstelijnspsycholoog) en
Edwin Königel (integratief psychotherapeut).
Studenten kunnen kijken op
www.btsa.nl voor Begeleiders en Therapeuten Studenten Arnhem.
Uitspraken van cliënten
"Wat vaak niet
met praten naar buiten komt, komt met deze therapie wel naar buiten”.
“Het is verbazend
hoe situaties en ervaringen uit het dagelijkse leven binnen deze
therapie naar voren komen en omgekeerd”.
“Door het dansen kan
ik even alle gedachten loslaten en genieten van het in beweging zijn”.
“Ik weet dat deze
therapie heel moeilijk voor mij is. Het confronteert mij met mijn
lichaam dat er niet mag zijn van mijzelf. Ik weet ook dat ik mijzelf
hier enorm tegen ga komen”.
“Ik
zorg altijd voor anderen en wist nauwelijks nog wie ik was en wat ik
wilde. Door creatieve therapie dans kwam ik daar weer achter”.
“Mijn
verdriet bleef ik altijd voelen en maakte me lusteloos. Door mijn
gevoelens in beweging om te zetten ontdekte ik hoeveel kracht en energie
ik had”.
"Ik riep steeds 'mijn hoofd staat
er niet naar vandaag'. Achteraf kan ik hier om lachen. Ik was vooral
bezig met vermijden en wilde niet aangaan wat moeilijk voor mijzelf was
namelijk: mijn controle en het denken loslaten".
"Ik
had een lichaam maar voelde niets meer. Deze therapie heeft mij geleerd
om weer te huilen, plezier te hebben en boos te worden”.
“Ik
durfde mijzelf nauwelijks te laten zien in gezelschap. In deze therapie
leerde ik om ruimte in te nemen voor mijzelf en me te laten horen”.
Voorbeelden
Lars (44)
Gedurende mijn leven heb ik
verschillende vormen van therapie gehad. Ik was mezelf kwijt, ik wist
niet wie ik was. Als je zelf niet kunt aangeven wat er is, na alle
pijnlijke zaken te hebben doorgewerkt en herleefd, is het moeilijk voor
een hulpverlener om de uiteindelijke kern te vinden. Waar draait je
problematiek om! Dit was in mijn geval zo. Na de therapieën ging het een
moment redelijk goed en ik dacht dat ik er was, mijn kracht kwam vanzelf
wel weer terug. In deze periode ben ik ook begonnen met de danstherapie.
Na al het praten en weinig tot geen lichaamstherapie te hebben gehad,
begon ik dit erg te missen. Ik wilde het leven voelen stromen, míjn
leven. Ik wilde mijn kracht letterlijk voelen, ik wilde mijn boosheid in
beweging kwijt raken en zo een balans vinden in het omgaan met deze
emotie. Ik wilde contact maken met mijn lichaam, met wie ik was/ben.
Het eerste jaar ging dit redelijk goed. Ik durfde stukje bij beetje
ruimte te nemen, ik durfde mezelf meer te laten zien. Mijn lichamelijke
‘starheid’ heeft een functie gehad, vroeger, maar ik leerde om dit los
te laten door te bewegen, de energie en levenskracht te voelen stromen
door mijn hele lijf; van mijn kruin tot aan de kleine teen. Wat is dit
moeilijk geweest, angstig. Het heeft veel boosheid en verdriet
losgemaakt, ook hier heb ik vervelende momenten moeten doorleven of
eigenlijk doorvoelen.
Na een klein jaar hiermee bezig te zijn geweest, merkte ik dat ik vast
begon te lopen. Ik had het gevoel dat ik een drempel over moest en dat
me dit niet lukte. Ik kon en durfde niet echt mezelf te zijn. Wie was ik
eigenlijk? Deze vraag kwam steeds vaker in me naar boven. Ja, wie was ik
eigenlijk.
Binnen de danstherapie heb ik het regelmatig over die drempel gehad. Wat
deed ik niet goed, wat kon ik anders doen, zonder alleen maar pijn en
angst te voelen.
Tijdens gesprekken met een psycholoog, die ik naast de danstherapie had,
kwam ik steeds meer achter de problematiek waar het uiteindelijk om
draaide.
De combinatie danstherapie en gesprekken is voor mij dé combinatie
geweest, waardoor ik bij de kern kon komen. Ik kwam er achter wie ik
eigenlijk ben, wat ik eigenlijk ben. Ik ben een man in een
vrouwenlichaam, ik ben Lars.
Het transgender zijn, maakte veel in me los, want wat zou dit allemaal
wel niet betekenen; kon ik dit wel aan! Even kwam mijn leven op losse
schroeven te staan, wat raakte ik allemaal kwijt. Mijn relatie zou in
ieder geval eindigen, had ik dit er voor over? Ik heb hier binnen de
danstherapie hard aan gewerkt. Je kunt niet alles van te voren uitzoeken
en ik moest mijn gevoel toelaten en dat lukte.
Voor het eerst in mijn leven, voor eerst in een zware therapeutische
tijd van verwerken, doorleven en wat al niet meer, voelde ik wie ik
eigenlijk was. Ik was een man in een vrouwe lichaam. De beslissing gaf
me enorme ruimte van binnen, maar ik durfde ook steeds beter ruimte te
nemen. De ruimte die mensen me gaven, durfde ik nu te nemen.
Ik moet zeggen, dat ik me nog nooit zo heb durven bewegen, zoveel ruimte
om me heen te voelen en die te nemen.
Mede door de danstherapie heb ik gevonden waar ik mijn hele leven al
tegen aan liep. De drempel waar ik het over had, was de drempel naar
mijn ware zijn. Hoe kon ik mezelf openen en ruimte geven, als ik
letterlijk mezelf niet kon accepteren. Hoewel ik mezelf nog niet kan
accepteren, is, met het vooruitzicht op lichamelijk veranderingen in de
toekomst, het dragelijker geworden. Het eind is in zicht.
Nog steeds ben ik met danstherapie bezig, nu inmiddels zo’n twee jaar.
Het is mijn uurtje geworden, even voor mij alleen en niemand die me hier
kan storen. Het voelen van mijn eigen levenskracht en het voelen van de
ruimte in mezelf en om me heen, geeft me telkens weer een soort kick; ik
heb het toch wel mooi voor elkaar gekregen, ik durf en mag er zijn.
Els (45)
Els
wordt aangemeld met depressieve klachten en somatische klachten in nek
en schouders. Wanneer ik Els in de therapie heb, zie ik dat ze
voortdurend struikelt. Ze geeft aan boos te zijn op zichzelf omdat het
niet goed gaat, terwijl ze aangeeft geen reden van klagen te hebben. Het
struikelen (het niet goed gaan!) probeert ze steeds weer te corrigeren
door een vast patroon van stappen te maken. Ik vraag Els naar haar benen
te luisteren en deze te volgen. Kleine momenten komen er
schopbewegingen. Op dat moment struikelt ze en stapt ze weer terug in
haar ‘vaste stappatroon’. Als ik verder observeer valt het me op dat
haar boven- en onderlichaam niet met elkaar corresponderen. Haar
onderlichaam wil schoppen, het bovenlichaam wil vloeiende bewegingen
maken.
Ik geef haar enkele
oefeningen om het onder- en bovenlichaam bij elkaar te brengen. Hierna
gaat Els weer dansen. Wat dan opvalt is dat ze haar benen durft te gaan
volgen en krachtig gaat schoppen. Haar boosheid mag er nu zijn. De
oefeningen hebben haar stevigheid gegeven om haar vaste bewegingspatroon
te veranderen. Ze komt steeds meer rechtop te staan waardoor haar
ademhaling en stem los komen. Hierdoor krijgen ook andere emoties de
ruimte. Bovendien worden op dat moment de nekklachten en depressieve
klachten minder.
(De veranderingen vonden ongeveer binnen een half jaar plaats).

Onderstaande casus is verschenen
in het boek 'de Kunsten van het Leven' van Henk Smeijsters (red), Lector
van de Hogeschool Zuyd in Heerlen en Master vaktherapieën KenVaK.
“Mijn hoofd staat er niet naar”
Renate Hoenselaar &
Piet
In deze casus beschrijft Piet zijn
ervaringen binnen danstherapie. Piet is binnen de Psychiatrische
Afdeling van het Algemene Ziekenhuis (PAAZ) opgenomen en volgt naast
danstherapie andere therapieën. Na een jaar deeltijd te hebben gevolgd
kiest Piet als vervolgbehandeling voor individuele danstherapie. Het is
in deze therapie dat hij zijn proces opnieuw gaat neerzetten en
vormgeven in de dans. Daarbij blikt hij terug op zijn proces maar
ervaart hij, door dit in beweging te doen, opnieuw de weg die hij gegaan
is. Tijdens deze ervaring schrijft hij zijn verhaal.
Wie ben ik?
“Ik zal mij eerst even voorstellen. Mijn
naam is Piet. Op het moment dat ik opgenomen werd op de PAAZ was ik 49
jaar. Ik wil de kracht van danstherapie door middel van dit schrijven
delen met anderen. De danstherapie heeft mij emotioneel opengebroken.
Tijdens het neerzetten van mijn proces tijdens de individuele
danstherapie en het schrijven hierover kwamen oude ervaringen, patronen
en gevoelens soms in heftigheid weer boven. Toen besefte ik ook ten
volle wat deze therapie mij gebracht heeft.
Mijn
achtergrond.
Toen ik opgenomen werd op de afdeling psychiatrie van het ziekhuis was
ik totaal vastgelopen in mijn leven. Het leven hoefde voor mij beslist
niet meer. Ik had het gevoel dat het ‘over’ was. Zoals ik toen was en
deed, wilde ik niet meer verder. Ik was gescheiden, had alles verloren
wat mij lief was, zelfs de liefde van mijn leven, had mijn ex gigantisch
voor de gek gehouden en haar niet verteld wat er aan de hand was. Ik was
failliet gegaan als hypotheek- en pensioenadviseur, moest mijn huis
gedwongen verkopen. Ik schaamde mij heel diep en dacht dat ik niets meer
kon of ooit zou kunnen. Op advies van mijn ex ben ik naar de huisarts
gegaan en daar werd ik meteen doorverwezen naar de psychiater. Ik ben er
naar toe gegaan omdat ik mijn zoontje niet in de steek wilde laten. En
er was, denk ik achteraf, nog een klein vonkje dat wilde leven. Ik
besefte dat ik er alleen niet uitkwam. Ik heb toen tegen mezelf gezegd:
“Dit is je laatste kans. Als deze therapie niet helpt dan is het voor
mij klaar”. Ik kon en wilde zo niet verder leven. Ik werd opgenomen met
een depressie.
In mijn gezin van herkomst ben ik de jongste. Ik heb een zus en broer
boven mij.
Mijn vader heeft in concentratiekampen gezeten omdat hij joods was. Hij
heeft veel familie en vrienden verloren. Het was een intelligente man,
ontwikkeld en op een ouderwetse manier beleefd en netjes. Goede manieren
waren belangrijk voor hem. Op zijn 18e in 1934, is hij vanuit
Berlijn naar Nederland gevlucht. Hij sprak zelden of nooit over de
oorlog omdat hij, zo zei hij, ons er niet mee wilde belasten. Hoe ouder
hij werd hoe meer last hij kreeg van nachtmerries. Hij gaf ons dingen
mee als: “Val nooit op als je laat niet zien wat je denkt en
voelt, dan wordt dat je dood”. Discussies over de oorlog in Vietnam
waren onmogelijk, want de Amerikanen hadden ons bevrijd. We moesten
dankbaar zijn. Mijn ouders vonden dat wij een verplichting naar de
maatschappij toe hadden. Het was niet zomaar dat mijn vader de oorlog
overleefd had. Wij moesten nuttige elementen worden voor de
maatschappij, op een wijze ingevuld zoals zij dat zagen, natuurlijk. Ook
door niets te zeggen kon mijn vader de sfeer thuis bepalen.
Ondanks het feit dat mijn moeder niet joods was heeft zij, zoals iedere
doorsnee Nederlander, de ellende meegemaakt. Ze heeft een romance gehad
met een Canadees. Een gegeven dat mijn vader niet goedkeurde. Ze liet
niemand uitpraten. Ze sprak er altijd doorheen met een schelle stem,
ging niet in op wat iemand zei, luisterde dus niet en schetterde er op
los. Vaak in een toestand van hysterie. Aan tafel 's avonds tijdens het
eten waren er regelmatig hevige ruzies. Ruzies met mijn broer, die
viereneenhalf jaar ouder is dan ik. Ik vond dat afschuwelijk, vond het
zeer beangstigend. Ik voelde die ruzies altijd aankomen en probeerde te
voorkomen dat dit gebeurde. Niets hielp. Ik hield me dan verder heel
stil en at met bonzend hart mijn bordje leeg. Dan wilde ik zo snel
mogelijk naar mijn kamer. Wij konden als kinderen goed leren: mijn broer
en zus hebben theologie gestudeerd. Ik ben psychologie gaan studeren
maar heb deze studie niet afgemaakt. Hebben we deze studies gedaan om pa
en ma te behagen vraag ik me nu af? Dat lijkt me wel, hoewel ik
psychologie nu wel erg boeiend vind.
Hier-en-nu
Wat was er met mij aan de hand, dat ik mijn leven niet leefde zoals ik
dat graag wilde?
Ik
was zowel privé als in mijn werk totaal vastgelopen. Ik schoof allerlei
dingen voor me uit. Benoemde niet wat er in mij leefde, deelde mijn
gevoelens niet met anderen en ook niet de financiële problemen waarin we
als gezin terechtkwamen. Ik was alleen maar aan het tobben. Al mijn
denken en doen werd door mijn angst bepaald. Ik hield me staande maar
was eigenlijk doodmoe. Dit gaf heel veel stress, maar ik wist deze
vicieuze cirkel niet te doorbreken. Ik zag wel wat dit met anderen deed,
maar stopte dit gauw weg. Dat knaagde aan mij maar ik kon niet bedenken
hoe ik dit kon veranderen.
Ik had absoluut geen vertrouwen in mijzelf, geloofde niet dat ik iets
kon. Als ik
iets wilde of moest doen waar ik tegenop zag, was ik als verlamd. Het is
net als bij hoogtevrees: ik kwam die ladder domweg niet op. En aan de
buitenkant was er niets van te zien. Ik was gefocusseerd op de toekomst:
wat gebeurt er straks? Leefde niet in het 'hier en nu', waarin je kunt
handelen, waarin je kunt
'zijn'.
De
groepstherapie waaraan ik deelnam was voor mij belangrijk omdat ik
anders beslist geprobeerd had de 'echte' confrontatie, de erkenning van
wat met mij aan de hand was, uit de weg te gaan. En ik was daar
waarschijnlijk in geslaagd. Ik heb een tijdje psychotherapie gehad. Dit
was alleen praten in een
één op één situatie. Het heeft totaal niet geholpen. Ik heb mezelf en
therapeut wijs gemaakt dat het best meeviel en eigenlijk wel weer goed
ging. Ja, ja!
Niet denken maar doen
De
eerste danstherapie sessie geloofde ik helemaal niet dat dit iets voor
mij zou kunnen doen. Of dat ik er iets mee kon. Ik vond het, op zijn
zachts gezegd, maar een heel raar gedoe. Eigenlijk vond ik het doodeng,
maar ik wilde dat natuurlijk niet laten merken. Ik was bang dat men mij
raar vond. Ik was altijd heel geremd en wilde niets van mij laten zien.
En daar stond ik dan in een groep, in de kring, terwijl ik een beweging
moest inbrengen. Iedereen keek naar mij. Wat kende ik mijzelf en wat ik
met mijn lichaam kon slecht. Mijn angst was de reden dat ik het raar
vond. Deze erkenning alleen al was goud waard voor mij. Maar dat werd
pas veel later duidelijk.
Na
afloop van de allereerste danstherapie voelde ik mij al wat beter. Dat
gevoel was niet te herleiden tot het effect van wat lichamelijke
inspanning. Het gaf me de moed om de volgende keer weer mee te doen en
mij, voorzichtig, een beetje open te stellen. Het voelde alsof ik mij
overleverde aan de therapie en aan de therapeute. En dat terwijl ik
altijd alles onder controle wilde hebben. Ondanks dat ik het eng vond,
was ik voor het eerst "erbij". Geen gedachte. De druk in mijn hoofd was
even afgenomen. Ik maakte me even niet druk over wat er hierna moest
gebeuren. Hoe kwam dat? De therapeute en de groepsgenoten gaven mij het
gevoel dat ik er mocht zijn, dat ik gezien mocht worden en dat voelde
goed. Zij gaven mij het gevoel dat het niet raar was hoe ik mij bewoog,
dat het er om ging dat ik mij bewoog en dat ik er was. Dat was het enige
wat er toe deed. Deze ervaring en de combinatie met muziek was
belangrijk. Muziek heeft altijd een grote invloed op hoe ik mij voel. en
bewegen vond ik eigenlijk wel fijn, ontdekte ik tijdens deze
sessie.................
Vervolg van het verhaal van Piet en andere cliënten kunt u lezen in 'de Kunsten van het
Leven' van Henk Smeijsters en co-auteurs. ISBN: 97890 85711964
Klik voor het volledige
verhaal van Piet op deze link:
Casusbeschrijving Renate Hoenselaar & Piet red..pdf
Mw. K. (34)
Tijdens
de intake verteld Mw. K. dat ze altijd moeite heeft gehad om met haar
emoties om te gaan, dat ze zich snel bekeken voelt, drukte vermijdt en
niet durft te dansen. Naar aanleiding van een verbroken relatie zijn de
klachten versterkt. Ze merkt dat het druk en chaotisch in haar hoofd is
geworden en dat ze haar lichaam nauwelijks ervaart. Mw. K. wil meer
zelfvertrouwen krijgen en leren haar emoties te uiten. Mw. kan goed
verwoorden waarin en hoe ze vastloopt. Ze heeft daarom bewust voor
creatieve therapie dans en beweging gekozen omdat ze hiermee het idee
heeft directer haar klachten aan te pakken. Door het doen en ervaren
hoopt ze meer zelfvertrouwen te krijgen.
Begin
pagina
|
|